ECLI:NL:GHSGR:2002:AE2305
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Fockema Andreae-Hartsuiker
- Labohm
- Van Leuven
- Rechtspraak.nl
Voorlopige omgangsregeling en gezagsafspraken na echtscheiding met minderjarige kinderen
De zaak betreft een hoger beroep van de moeder tegen een beschikking van de rechtbank Middelburg inzake gezag en omgang met betrekking tot haar minderjarige zoon na echtscheiding. De ouders zijn in 1982 gehuwd en hebben twee minderjarige kinderen. De moeder verzocht om uitsluitend gezag over de zoon en een specifieke omgangsregeling, terwijl de vader gezamenlijk gezag wenste en een andere omgangsregeling voorstelde.
De rechtbank wees het verzoek tot uitsluitend gezag af en stelde een omgangsregeling vast waarbij de zoon in het weekend bij de vader verbleef, met uitzondering van één weekend per maand, en de helft van de schoolvakanties bij de vader doorbracht. In hoger beroep kwamen de ouders overeen om gedurende een proefperiode van één jaar gezamenlijk gezag te voeren met afspraken over beslissingsbevoegdheid: de moeder is bevoegd voor school en medische zorg, de vader voor de uitvoering van de omgangsregeling.
Het hof stelde een voorlopige omgangsregeling vast conform de feitelijke situatie: omgang van vrijdagavond 18.00 uur tot zondagavond 18.00 uur, met uitzondering van één weekend per maand, en de helft van de schoolvakanties. Alle overige beslissingen werden aangehouden, met de mogelijkheid voor ouders om het hof tussentijds te informeren over de naleving en voortgang.
Uitkomst: Het hof stelt een voorlopige omgangsregeling vast en houdt verdere beslissingen aan, met afspraken over gezamenlijk gezag en beslissingsbevoegdheid.