ECLI:NL:GHSGR:2002:AE8161

Gerechtshof 's-Gravenhage

Datum uitspraak
29 augustus 2002
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
r02/517
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Vrij
  • De Brauw
  • Hooykaas
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 33 RvArt. 64 RvArt. 69 Rv
Verwijzingen
6 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toepassing artikel 69 Rv bij onjuiste procedurele indiening in hoger beroep

In deze zaak heeft Parana Citrus International Import and Export Corporation hoger beroep ingesteld tegen een vonnis van de voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam. Parana verzocht om verkorting van de dagvaardingstermijn, maar kon de dagvaarding op de laatste dag van de appeltermijn niet meer uitbrengen. Ter sauvering van de termijn diende zij een verzoekschrift per fax in, dat later werd ondertekend en ingediend bij het hof.

Het hof overwoog dat het verzoekschrift op de dag van ontvangst, 25 juli 2002, was ingediend en dat dit diende te worden gezien als een onjuiste procedurele handeling ter behoud van de appeltermijn in een dagvaardingsprocedure. Op grond van artikel 69 Rv Pro kan de rechter de procedure doorleiden naar het juiste spoor, hier de dagvaardingsprocedure.

Het hof stelde vast dat noch de tekst noch de strekking van artikel 69 Rv Pro, noch het feit dat de wederpartij niet was gehoord, toepassing van deze regeling in de weg stond. Er was geen sprake van misbruik van procesrecht. Daarom werd de procedure voortgezet volgens de regels van de dagvaardingsprocedure, met een oproeping van de wederpartij voor een roldatum in september 2002.

Uitkomst: De procedure wordt voortgezet volgens de dagvaardingsregels en de zaak wordt verwezen naar de rol van 12 september 2002.

Uitspraak

Uitspraak: 29 augustus 2002
Rekestnummer: R02/517
Rolnr. rechtbank: KG 02/346
HET GERECHTSHOF TE 'S-GRAVENHAGE, eerste civiele kamer, heeft de volgende beslissing gegeven in de zaak van:
1. de vennootschap naar het recht van het land van haar plaats van vestiging
PARANA CITRUS INTERNATIONAL IMPORT AND EXPORT CORPORATION,
gevestigd te Road Town, Totola (Britse Maagden Eilanden);
2. de vennootschap naar het recht van het land van haar plaats van vestiging
PARANA CITRUS S/A,
gevestigd te Paranavai (Brazilië),
verzoeksters,
hierna te noemen: Parana (enkelvoud),
procureur: mr. W. Taekema,
tegen
de vennootschap naar het recht van het land van haar plaats van vestiging
SOUTHERN MERCANTILE LIMITED,
gevestigd te Nassau (Bahamas),
verweerster,
hierna te noemen: Mercantile,
niet opgeroepen.
Het geding
Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie van het hof op 25 juli 2002 en 26 juli 2002 respectievelijk ongetekend (per fax) en ondertekend, is Parana in hoger beroep gekomen van het vonnis van 27 juni 2002 door de voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam tussen partijen gewezen. Vervolgens heeft Parana bij brief van 1 augustus 2002 het hof verzocht om toepassing van artikel 69 Rv Pro. De beslissing op dat verzoek is bepaald op heden.
Beoordeling van het verzoek
1. Het gaat in deze zaak om het volgende. In verband met het aanhangig te maken hoger beroep van het vonnis van 27 juni 2002 van de voorzieningenrechter te Rotterdam heeft Parana op 24 juli 2002 verkorting van de dagvaardingstermijn verzocht. Aangezien Parana, naar zij stelt, op de laatste dag van de appeltermijn, 25 juli 2002, nog geen beslissing op dat verzoek had ontvangen, heeft zij getracht de appeldagvaarding nog op die dag te doen uitbrengen, hetgeen, gelet op het late tijdstip, evenwel niet meer mogelijk bleek. Parana heeft vervolgens de dagvaarding gewijzigd in een verzoekschrift, dat diezelfde dag - per fax - bij het hof is ingediend. Een viertal getekende exemplaren zijn op 26 juli 2002 ter griffie ingekomen. Bij brief van 1 augustus 2002 heeft Parana het hof verzocht tot toepassing van het bepaalde in artikel 69 Rv Pro over te gaan.
2. Het hof overweegt als volgt. Blijkens de registratie van de ontvangstgegevens op de het verzoekschrift begeleidende brief is de fax op 25 juli 2002 te 23.45 uur ter griffie binnengekomen. Gelet op artikel 33 Rv Pro impliceert dit dat het verzoekschrift op de genoemde datum is ingediend. Als aangegeven door Parana heeft deze indiening slechts plaatsgevonden ter sauvering van de appeltermijn in een dagvaardingsprocedure. Dat die procedure met een verkeerd processtuk is ingeleid, is dan ook evident. Op grond van artikel 69 Rv Pro heeft de rechter de mogelijkheid de procedure door te leiden naar het juiste spoor, te weten de dagvaardingsprocedure. De vraag doet zich thans voor of die regeling in een geval als het onderhavige dient te worden toegepast. Naar het oordeel van het hof staat tekst noch strekking van artikel 69 Rv Pro daaraan in de weg en evenmin de omstandigheid dat de wederpartij niet op het verzoekschrift noch op het verzoek om toepassing van artikel 69 Rv Pro is gehoord. De gevolgde weg kan niet worden beschouwd als misbruik van procesrecht, nu het verzoekschrift is ingediend binnen de appeltermijn geldend voor het uitbrengen van een dagvaarding in kort gedingzaken.
3. Het voorgaande leidt ertoe dat het hof zal bevelen de procedure voort te zetten overeenkomstig de regels van een dagvaardingsprocedure. Het hof zal daartoe de zaak naar de rol verwijzen en Parana bevelen Mercantile tegen die roldatum op te roepen.
Beslissing
Het hof:
- beveelt dat de met het onderhavige verzoekschrift ingeleide procedure wordt voortgezet volgens de regels die gelden voor de dagvaardingsprocedure;
- verwijst de zaak naar de rol van donderdag 12 september 2002 voor voort procederen;
- beveelt Parana Mercantile bij exploot op te roepen tegen genoemde roldatum en dit exploot vóór 5 september 2002 uit te brengen.
Deze beschikking is gegeven door mrs. Vrij, De Brauw en Hooykaas en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 augustus 2002 in aanwezigheid van de griffier.