ECLI:NL:GHSGR:2003:AF8249
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Biemond
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waarde onroerende zaak op erfpachtgrond volgens Wet waardering onroerende zaken
Belanghebbende betwist de door de Inspecteur vastgestelde WOZ-waarde van haar woning aan de a-straat 1 te Z op de waardepeildatum 1 januari 1999. De Inspecteur stelde de waarde vast op ƒ 681.000 (€ 309.024), terwijl belanghebbende een aanzienlijk lagere waarde van ƒ 109.940 (€ 49.888) aanvoerde. Belanghebbende voerde onder meer aan dat de woning zich in slechte staat van onderhoud bevond en dat sprake was van erfpacht, hetgeen volgens haar invloed had op de waarde.
De Inspecteur ondersteunde zijn standpunt met een taxatierapport van een onafhankelijke taxateur, die de woning op de waardepeildatum waardeerde op € 309.024. Het hof oordeelde dat de waarde moest worden vastgesteld op basis van de prijs die bij verkoop onder de beste omstandigheden zou worden behaald, waarbij het erfpachtrecht buiten beschouwing blijft.
Na zorgvuldige afweging van de bewijsmiddelen en de vergelijkingsobjecten concludeerde het hof dat de Inspecteur aannemelijk had gemaakt dat de waarde van de woning ten minste ƒ 681.000 bedroeg. De verschillen tussen de woning en de vergelijkingsobjecten waren naar het oordeel van het hof voldoende meegenomen in de waardering. Het beroep van belanghebbende werd daarom ongegrond verklaard.
Het hof stelde vast dat geen gronden aanwezig waren voor een veroordeling in proceskosten en wees het beroep af zonder verdere kostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van de woning wordt ongegrond verklaard en de waarde van €309.024 bevestigd.