ECLI:NL:GHSGR:2003:AF9387
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Oosterhof
- Aler
- Heemskerk
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor medeplegen van handel in heroïne met teruggaaf van inbeslaggenomen goederen
In hoger beroep is de verdachte vrijgesproken van het primair tenlastegelegde, omdat dit niet wettig en overtuigend bewezen kon worden. Wel is vastgesteld dat de verdachte op 31 mei 2001 te 's-Gravenhage en elders in Nederland samen met anderen opzettelijk heroïne heeft afgeleverd en vervoerd, hetgeen een strafbaar feit is onder de Opiumwet.
De verdachte speelde een belangrijke rol in de drugstransactie, waarbij hij een aanzienlijke partij heroïne van Amsterdam naar Den Haag vervoerde en daar overdroeg aan afnemers. Het hof benadrukte het belang van krachtig optreden tegen dergelijke feiten vanwege de bedreiging van de volksgezondheid en de bevordering van vermogensdelicten onder gebruikers.
De rechtbank had de verdachte eerder veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf, maar het hof stelde de straf vast op vijf jaar, met aftrek van voorarrest. Tevens gelast het hof de teruggave van diverse inbeslaggenomen voorwerpen, waaronder telefoons, agenda's en papieren, aan de verdachte.
De beslissing is gebaseerd op artikel 47 van Pro het Wetboek van Strafrecht en artikelen 2 en 10 van de Opiumwet. Het vonnis is gewezen door de rechters Oosterhof, Aler en Heemskerk op 26 mei 2003.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf voor medeplegen van handel in heroïne met teruggave van inbeslaggenomen goederen.