ECLI:NL:GHSGR:2003:AI0120
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- mr. Schuurman
- Rechtspraak.nl
Vermindering verfijnde mineralenheffing wegens niet-toepassen overmacht
Belanghebbende, een agrarisch ondernemer, maakte bezwaar tegen de opgelegde fosfaat- en stikstofheffing over 1998, waarbij hij een forfaitaire aangifte had gedaan. Hij verzocht om toepassing van een verfijnde aangifte en stelde dat de heffingen wegens overmacht op nihil moesten worden vastgesteld, omdat de aangevoerde mest een hoger fosfaatgehalte had dan verwacht en hij persoonlijke omstandigheden had die zijn situatie bemoeilijkten.
De Inspecteur verklaarde het bezwaar ongegrond, maar stelde het totaal van de verfijnde mineralenheffingen bij. Het geschil spitste zich toe op de vraag of overmacht kon worden aangenomen. Het hof oordeelde dat de voorschriften uit de Meststoffenwet en de Minas-regelgeving bindend zijn en dat privé-omstandigheden en het feit dat 1998 het startjaar van de regeling was, niet tot nihilheffing leiden.
Het hof verklaarde het beroep gegrond voor zover de heffing werd verminderd tot €9.319,28. Tevens veroordeelde het hof de Inspecteur in de proceskosten en bepaalde dat het griffierecht aan belanghebbende wordt vergoed. De uitspraak werd mondeling gedaan en schriftelijk vastgelegd.
Uitkomst: De verfijnde mineralenheffing wordt verminderd tot €9.319,28 en het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard.