ECLI:NL:GHSGR:2003:AI0506
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- In 't Velt-Meijer
- De Wild
- Schuering
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over overgang onderneming en kennelijk onredelijk ontslag bij uitbesteding schoonmaakactiviteiten
De werkneemster was sinds 1992 in dienst bij KVV als schoonmaakster. In 2000 besloot KVV de schoonmaakactiviteiten uit te besteden aan Bleijenberg, waarbij KVV stelde dat de arbeidsovereenkomst van de werkneemster per 1 december 2000 overging naar Bleijenberg. KVV zegde de arbeidsovereenkomst op tegen 17 januari 2001 met een ontslagvergunning, maar stopte de loonbetaling per 1 december 2000.
De werkneemster betwistte dat sprake was van een overgang van onderneming en stelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was. Het hof oordeelde dat de schoonmaakafdeling een zelfstandig bedrijfsonderdeel vormde dat per 1 december 2000 aan Bleijenberg werd overgedragen, waardoor de arbeidsovereenkomst juridisch overging. KVV bleef echter hoofdelijk aansprakelijk voor verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst die vóór die datum waren ontstaan.
Het hof stelde vast dat het ontslag onregelmatig was omdat de opzegging pas per 17 januari 2001 mogelijk was, niet per 1 december 2000. Tevens was het ontslag kennelijk onredelijk omdat KVV en Bleijenberg pas na het ontslag bereid waren een concreet voorstel te doen, en de werkneemster geen passende invulling kreeg. De werkneemster kreeg daarom een schadevergoeding van € 13.997,63 plus wettelijke rente toegewezen. Het hof vernietigde het eerdere vonnis voor dit bedrag en bekrachtigde het verder.
Uitkomst: KVV wordt veroordeeld tot betaling van € 13.997,63 plus wettelijke rente wegens kennelijk onredelijk ontslag en onregelmatige opzegging.