ECLI:NL:GHSGR:2003:AI0937
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Koning
- Van Rijnberk
- Mos-Verstraten
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor invoer van grote hoeveelheid heroïne met financieel oogmerk
Het gerechtshof te 's-Gravenhage heeft op 24 juni 2003 het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de rechtbank te 's-Gravenhage van 21 oktober 2002. De verdachte werd beschuldigd van het medeplegen van de invoer van een zeer grote hoeveelheid heroïne in Nederland, te weten 273,8 kilogram, op of omstreeks 15 maart 2002 bij een grensovergang.
In eerste aanleg werd de verdachte veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf. Zowel de verdachte als het Openbaar Ministerie gingen in hoger beroep. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en deed opnieuw recht. Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte samen met anderen de heroïne heeft ingevoerd met uitsluitend financieel gewin als motief.
Het hof benadrukte de ernstige bedreiging van de volksgezondheid door de invoer en handel in heroïne en de maatschappelijke schade en onrust die dit veroorzaakt. Gelet op de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, waaronder de extra zware detentie vanwege zijn verblijf in een onbekend land en taalbarrière, legde het hof een gevangenisstraf van vijf jaar op, met aftrek van voorarrest.
Daarnaast verklaarde het hof diverse inbeslaggenomen goederen verbeurd en de drugs onttrokken aan het verkeer, omdat deze middelen gebruikt zijn bij het plegen van het strafbare feit of daartoe bestemd waren. De verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf met verbeurdverklaring en onttrekking aan het verkeer van goederen.