ECLI:NL:GHSGR:2003:AL3151
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Stille
- De Bruijn-Lückers
- Labohm
- Rechtspraak.nl
Peildatum en verdeling van de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap bij echtscheiding
In deze zaak stond de peildatum voor het feitelijk uiteengaan van partijen centraal, waarbij de vrouw stelde dat dit op 1 juli 1999 was, terwijl de rechtbank dit op 1 februari 1999 had vastgesteld. Het hof oordeelde dat partijen tot 1 juli 1999 onder één dak woonden en dat de vrouw tot die datum nog boodschappen deed waarvan ook de man profiteerde. Daarmee was het huwelijk vanaf 1 februari 1999 wel ontwricht, maar feitelijk uit elkaar gaan vond pas op 1 juli 1999 plaats.
Daarnaast was er discussie over de waardering van het vakantiehuisje in Servië en de echtelijke woning. Het hof hechtte meer waarde aan het taxatierapport van een onafhankelijke gerechtelijk deskundige dan aan dat van een makelaar. Ook stelde het hof vast dat voor de verdeling van het onroerend goed de datum van het onherroepelijk worden van de rechterlijke uitspraak als peildatum geldt, en niet het uiteengaan van partijen.
De verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap werd daarop aangepast, waarbij de vrouw een bedrag van €261,94 (ƒ577,23) aan de man moest betalen wegens overbedeling. De kosten van het hoger beroep werden gecompenseerd, waarbij partijen ieder hun eigen kosten dragen.
Uitkomst: Het hof stelde de peildatum op 1 juli 1999 en bepaalde dat de vrouw €261,94 aan de man moet betalen wegens overbedeling.