ECLI:NL:GHSGR:2003:AL9053
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- van den Wildenberg
- de Bruijn-Lückers
- Labohm
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herroeping in kracht van gewijsde gegaan arrest wegens ontbreken nieuw feit
De man heeft bij het gerechtshof te 's-Gravenhage verzocht om herroeping van vier tussenarresten die in kracht van gewijsde zijn gegaan. Deze arresten betroffen beslissingen van het hof uit de periode 1998 tot 2000. De vrouw heeft verweer gevoerd tegen deze vordering.
Het hof heeft beoordeeld dat op grond van artikel 382 Rv Pro herroeping alleen mogelijk is indien sprake is van een nieuw feit. De man baseerde zijn verzoek op een rapport van een forensische schriftexpert uit 1994 en op verklaringen van de vrouw uit datzelfde jaar. Het hof oordeelde dat deze feiten niet nieuw zijn, aangezien de man hiervan al in 1994 op de hoogte was.
Daarnaast werd het argument van de man dat hij het rapport was kwijtgeraakt verworpen, omdat het rapport in opdracht van zijn toenmalige raadsman was opgesteld en dus beschikbaar had moeten zijn. Het hof concludeerde dat de vordering tot herroeping ongegrond is en veroordeelde de man in de proceskosten.
Deze uitspraak bevestigt dat herroeping van in kracht van gewijsde gegaan arrest strikte voorwaarden kent en dat oude feiten die reeds bekend waren geen grond vormen voor herroeping.
Uitkomst: De vordering tot herroeping van de arresten wordt afgewezen wegens ontbreken van een nieuw feit.