ECLI:NL:GHSGR:2003:AN7328
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- De Wild
- Schuering
- Husson
- Rechtspraak.nl
Kosten van dwangbevel zijn buitengerechtelijke kosten en matiging daarvan
In deze zaak heeft het Gerechtshof 's-Gravenhage uitspraak gedaan over de vergoeding van buitengerechtelijke kosten in verband met een dwangbevel dat door Stichting Bedrijfspensioenfonds voor het Glazenwassers- en Schoonmaakbedrijf (BPG) aan S.O.C. Bedrijfsdiensten B.V. (SOC) is betekend voor achterstallige pensioenpremies.
De rechtbank had het dwangbevel vernietigd voor zover het betrekking had op de gevorderde invorderingskosten inclusief BTW van €4.489,26. BPG ging hiertegen in hoger beroep en stelde dat de rechtbank ten onrechte de volledige invorderingskosten had afgewezen. Het hof stelde vast dat BPG op grond van de wet bevoegd is een dwangbevel uit te vaardigen zonder bodemprocedure en dat de buitengerechtelijke kosten daarom geen kosten ter voorbereiding van gedingstukken zijn, maar matigde deze kosten tot het gebruikelijke tarief van €1.190 inclusief BTW.
Verder oordeelde het hof dat de rechtbank ten onrechte de proceskosten had gecompenseerd, omdat BPG in eerste aanleg grotendeels in het gelijk was gesteld. SOC werd daarom veroordeeld tot betaling van de proceskosten in eerste aanleg en in hoger beroep. Het arrest werd uitgesproken op 1 augustus 2003 en de veroordelingen werden uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof matigt de buitengerechtelijke kosten tot €1.190 en veroordeelt SOC tot betaling van proceskosten in eerste aanleg en hoger beroep.