ECLI:NL:GHSGR:2003:AN7614
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Oosterhof
- Aler
- Heemskerk
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot tien jaar gevangenisstraf voor moord en brandstichting ter verhulling
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor moord op zijn schoonzoon en het opzettelijk stichten van brand in diens woning om het misdrijf te verhullen. Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het slachtoffer onverhoeds in de rug heeft geschoten en daarna brand heeft gesticht, waardoor meubels in de woning zijn verbrand.
Psychiatrische rapportages van het Pieter Baan Centrum concludeerden dat de verdachte ten tijde van het plegen van de feiten volledig toerekeningsvatbaar was. Het hof nam dit over en verwierp daarmee een eventuele ontoerekeningsvatbaarheid. De straf werd bepaald op tien jaar gevangenisstraf, waarbij de periode van vrijheidsbeneming onder de Wet BOPZ in mindering wordt gebracht.
De benadeelde partijen, moeder en zuster van het slachtoffer, vorderden een schadevergoeding. Het hof kende een bedrag van € 4.825,95 aan materiële schade en € 2.772,60 aan kosten van rechtsbijstand toe, terwijl het overige deel van de vordering werd afgewezen wegens complexiteit en verwees naar de burgerlijke rechter.
Verder werden diverse inbeslaggenomen voorwerpen onttrokken aan het verkeer, terwijl andere werden teruggegeven aan de verdachte. De verdachte werd tevens veroordeeld tot betaling aan de Staat van het toegewezen schadebedrag, met hechtenis als sanctie bij niet-betaling.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf voor moord en brandstichting met gedeeltelijke toewijzing van schadevergoeding.