ECLI:NL:GHSGR:2003:AN9863
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Biemond
- De Fouw
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde woning als landgoed volgens Natuurschoonwet 1928
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van haar woning, een landgoed aangemerkt volgens de Natuurschoonwet 1928, vastgesteld op 1 januari 1999. De Inspecteur stelde de waarde na bezwaar vast op ƒ 1.578.000 (€ 716.065), terwijl belanghebbende een lagere waarde van ƒ 728.000 (€ 330.352) bepleitte.
Het geschil betrof de juiste waardering van de woning, waarbij de status als landgoed en de daarbij behorende waarderingsregels centraal stonden. Het hof hield rekening met de wettelijke bepalingen uit de Wet waardering onroerende zaken en de Natuurschoonwet, waarbij alleen de gebouwde eigendommen en een beperkt deel van de grond in de waardering werden betrokken.
Na beoordeling van de vergelijkingsobjecten en de argumenten van partijen oordeelde het hof dat de Inspecteur aannemelijk had gemaakt dat de vastgestelde waarde niet te hoog was. De verschillen tussen de woning en de vergelijkingsobjecten waren voldoende meegenomen in de waardering. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de vastgestelde WOZ-waarde van de woning wordt ongegrond verklaard.