ECLI:NL:GHSGR:2004:AP0510
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Duindam
- Verbeek
- Van Leuven
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wijziging en gezamenlijk gezag over minderjarig kind
De vader is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank waarin zijn verzoek tot eenhoofdig gezag over zijn kind en wijziging van de verblijfplaats werd afgewezen. Hij stelde dat de moeder door psychische problemen en instabiliteit niet geschikt was voor het gezag en dat het in het belang van het kind was dat hij het gezag kreeg of dat er gezamenlijk gezag werd toegekend.
De moeder betwistte deze stellingen en gaf aan dat zij haar levensstijl had verbeterd, dat het kind medische zorg ontvangt voor het syndroom van Asperger en ADHD, en dat zij een stabiele en kindvriendelijke omgeving biedt. De Raad voor de Kinderbescherming concludeerde dat het kind gebaat is bij een stabiele omgeving met structuur en dat gezamenlijk gezag niet mogelijk is vanwege slechte communicatie tussen de ouders.
Het hof oordeelde dat geen feiten of omstandigheden waren aangevoerd die wijziging van het gezag in het belang van het kind rechtvaardigen. Het hof volgde het advies van de raad en de eerdere beschikking van de rechtbank en wees het verzoek van de vader af. Ook verklaarde het hof de vader niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot wijziging van de verblijfplaats van het kind.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de vader tot wijziging van het gezag en gezamenlijk gezag af en verklaart hem niet-ontvankelijk in het verzoek tot wijziging van de verblijfplaats.