ECLI:NL:GHSGR:2004:AP9387
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- In ’t Velt-Meijer
- Schuering
- Husson
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake bewijs arbeidsongeschiktheid en toepassing artikel 7:629a BW
In deze civiele zaak staat centraal of de werknemer, werkzaam als productiemedewerker, vanaf 1 april 2001 arbeidsongeschikt was en of de werkgever terecht het loon heeft stopgezet. De werknemer heeft een verklaring ex artikel 7:629a BW overgelegd waaruit blijkt dat hij arbeidsgeschikt zou zijn, maar het hof oordeelt dat dit niet betekent dat hij verplicht was een second opinion te overleggen waaruit arbeidsongeschiktheid blijkt.
De werkgever betwist het oordeel van de deskundige Streng, die op basis van een onderzoek en diverse medische rapporten concludeerde dat de werknemer vanaf 1 april 2001 tot 1 februari 2002 arbeidsongeschikt was. De werkgever wijst op eerdere verklaringen van bedrijfsartsen die de werknemer arbeidsgeschikt achtten en betwijfelt de authenticiteit en waarde van het psychiatrisch rapport van Jessurun.
Het hof stelt vast dat Streng zijn oordeel baseerde op een uitgebreid medisch onderzoek, inclusief informatie van de huisarts en psychiater, en dat de eerdere verklaringen van bedrijfsartsen onvoldoende gemotiveerd zijn. De medische rapporten tonen ernstige psychopathologie en een bipolaire stoornis bij de werknemer. Het hof acht de arbeidsongeschiktheid vanaf 1 april 2001 voorshands bewezen en staat de werkgever toe tegenbewijs te leveren. De zaak wordt aangehouden voor nadere bewijslevering, waaronder getuigenverhoren.
Uitkomst: Het hof acht arbeidsongeschiktheid vanaf 1 april 2001 voorshands bewezen en staat de werkgever toe tegenbewijs te leveren.