ECLI:NL:GHSGR:2004:AQ5645
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Tijnagel
- Van Walderveen
- Engel
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing over Duitse schadevergoeding na nazi-regime niet terecht
Belanghebbende ontving betalingen van het Duitse Entschädigungsamt ter compensatie van bedrijfsschade geleden door haar echtgenoot tijdens het nazi-regime. Deze betalingen, die sinds 1963 jaarlijks worden uitgekeerd, werden door de Inspecteur tot het belastbare inkomen uit werk en woning gerekend in de aanslag inkomstenbelasting over 2001.
Belanghebbende betwistte dit en voerde aan dat deze betalingen onbelaste vergoedingen zijn en niet als belastbare periodieke uitkeringen moeten worden aangemerkt. Het Hof oordeelde dat de betalingen weliswaar aangemerkt kunnen worden als periodieke uitkeringen in de zin van de Wet inkomstenbelasting 2001, maar dat zij op grond van het belastingverdrag tussen Nederland en Duitsland aan Duitsland zijn toegewezen en dat Nederland deze inkomsten alleen mag belasten mits dubbele belasting wordt voorkomen.
Verder stelde het Hof vast dat de Inspecteur voldoende gegevens had om de belastbaarheid te beoordelen en dat het vertrouwen van belanghebbende in de niet-belastbaarheid niet gerechtvaardigd was. Het Hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak waarvan beroep en verminderde de aanslag tot een belastbaar inkomen uit werk en woning van ƒ 48.880 met een aftrek ter voorkoming van dubbele belasting van ƒ 1.182. Tevens werd het griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting over 2001 wordt verminderd door de betalingen van het Entschädigungsamt niet tot het belastbare inkomen te rekenen, met toepassing van een aftrek ter voorkoming van dubbele belasting.