ECLI:NL:GHSGR:2004:AR5621
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Tijnagel
- H. van Walderveen
- M. Engel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waarde vaststelling aandelen A B.V. per 1 januari 1997 en ontvankelijkheid beroep
Belanghebbende betwist de vastgestelde verkrijgingsprijs van zijn aandelen in A B.V. per 1 januari 1997 en stelt dat deze hoger moet worden vastgesteld vanwege een voorgenomen splitsing van het concern. Tevens stelt hij dat zijn beroep ontvankelijk moet worden verklaard ondanks een vermeende termijnoverschrijding.
Het hof oordeelt dat de Inspecteur niet aannemelijk heeft gemaakt dat de uitspraak op bezwaar tijdig aan belanghebbende is bekendgemaakt, waardoor het beroep ontvankelijk is. De mondelinge machtiging van de gemachtigde wordt geaccepteerd en het ontbreken van een schriftelijke volmacht bij het indienen van het beroepschrift wordt achteraf bekrachtigd.
Wat betreft de waardering stelt het hof vast dat op 1 januari 1997 geen besluit tot splitsing van het concern was genomen en dat D, de verkoper van de aandelen, tegenstander was van opsplitsing. De waarde van de aandelen dient daarom te worden bepaald op basis van de going-concern waarde. De verkoopprijs van ƒ 99,52 per aandeel die D in 1997 heeft bedongen, wordt als maatgevend beschouwd. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Het hof wijst verder op het ontbreken van bewijs voor een informatieachterstand of druk op D bij de onderhandelingen en acht de latere rapporten die hogere waarderingen suggereren niet relevant voor de waardepeildatum. Er worden geen proceskosten aan partijen opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ontvankelijk verklaard maar ongegrond verklaard; de vastgestelde verkrijgingsprijs van ƒ 99,52 per aandeel wordt bevestigd.