ECLI:NL:GHSGR:2004:AS6273
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- In ’t Velt-Meijer
- Husson
- Van Coeverden
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake terugvordering voorgeschoten huursubsidie door verhuurder
In deze zaak vordert verhuurder van huurder een bedrag van €2.385,12 aan achterstallige huur, gelijk aan de huursubsidie die verhuurder had voorgeschoten. Huurder had zich op 8 juni 2001 uitgeschreven bij de gemeente, waarna verhuurder de huurprijs matigde met het bedrag van de huursubsidie. Het ministerie van VROM heeft bij beschikking van 9 april 2003 aan huurder meegedeeld dat zij geen recht had op huursubsidie over de periode 1 juli 2001 tot 30 juni 2002.
De rechtbank heeft de vordering van verhuurder toegewezen. Huurder stelt dat de beschikking van 1 augustus 2001, waarop de rechtbank zich baseerde, niet bestaat en bestrijdt het ontbreken van recht op huursubsidie. Tevens voert huurder aan dat zij pas in juli 2002 daadwerkelijk verhuisde en tot die tijd de woning als hoofdverblijf had.
Het hof oordeelt dat het verkrijgen van huursubsidie een eigen verantwoordelijkheid van de huurder is en dat verhuurder de huursubsidie voorschiet. Indien verhuurder op goede gronden meent dat huurder geen recht heeft op huursubsidie, mag zij het voorgeschoten bedrag terugvorderen. Gezien de uitschrijving van huurder en de beslissing van het ministerie van VROM heeft verhuurder op goede gronden de vordering ingesteld. Het hof houdt de verdere beoordeling aan en verzoekt nadere informatie over de beroepsprocedure van huurder tegen de subsidiebeslissing.
Uitkomst: Het hof houdt de zaak aan voor nadere informatie over de beroepsprocedure van huurder tegen de subsidiebeslissing.