ECLI:NL:GHSGR:2005:AT5461
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.M.E. In ’t Velt-Meijer
- Schuering
- Husson
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen ontbinding huurovereenkomst wegens burenoverlast met belangenafweging kind
De zaak betreft een hoger beroep van een huurster tegen de ontbinding van haar huurovereenkomst door Woonstichting vanwege ernstige (geluids)overlast aan buren. De rechtbank had ontbinding en ontruiming toegewezen, waarbij zij oordeelde dat de overlast een tekortkoming was die ontbinding rechtvaardigt.
De huurster betwistte de overlast en stelde dat buren tegen haar samenspanden. In hoger beroep heeft het hof geoordeeld dat de klachten over onder meer gejank van een hond, dichtsmijten van deuren, hard lopen op laminaatvloer, uitschelden en vrijen op straat of in huis voldoende aannemelijk zijn en dat de huurster zich niet als een goed huurster heeft gedragen. Wel is haar tegenbewijs toegelaten door het hof.
Verder heeft het hof het beroep op het Verdrag inzake de rechten van het kind beoordeeld. Het hof stelt dat het belang van het kind zwaarwegend is, maar dat de verantwoordelijkheid voor het beperken van nadelige gevolgen primair bij de ouder ligt. Het hof acht de belangenafweging van de rechtbank juist en wijst het beroep op dit punt af.
Het hof bepaalt dat er een getuigenverhoor zal plaatsvinden om het tegenbewijs te beoordelen en houdt verdere beslissing aan.
Uitkomst: Het hof bevestigt de ontbinding van de huurovereenkomst wegens ernstige overlast, laat de huurster toe tot tegenbewijs en houdt verdere beslissing aan.