ECLI:NL:GHSGR:2005:AT7530
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.M.E. In ’t Velt-Meijer
- A.A. Schuering
- M.H. van Coeverden
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontbindingsvordering huurovereenkomst wegens tijdige betaling huurachterstand
De huurder huurde een woning van de Stichting WonenCentraal en had een huurachterstand ontstaan na ontslag uit zijn dienstbetrekking en problemen met een uitkering. De Stichting vorderde ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming wegens niet tijdige betaling van de huur over maart, april en mei 2003.
De huurder had de huur over januari en februari 2003 later alsnog betaald en was bereid de achterstand in te lopen. Bovendien werd door de huurder tijdig melding gemaakt van zijn betalingsproblemen en was schuldhulpverlening ingezet. Het hof oordeelde dat de huurachterstand op het moment van de dagvaarding voldoende was voor ontbinding, maar dat de omstandigheden aanleiding gaven om een termijn van een maand (terme de grâce) te verlenen.
Binnen deze termijn had de huurder de achterstallige huur voldaan, waardoor de grond voor ontbinding kwam te vervallen. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en wees de vorderingen van de Stichting af. De proceskosten werden in beide instanties gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst wordt afgewezen omdat de huurachterstand binnen de verleende termijn is voldaan.