ECLI:NL:GHSGR:2005:AT8681
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van den Wildenberg
- Dusamos
- Labohm
- Rechtspraak.nl
Hof stelt gebruiksvergoeding voormalige echtelijke woning en waarderingsgrondslag praktijkvennootschap vast
In deze zaak staat de vaststelling van de gebruiksvergoeding voor de voormalige echtelijke woning centraal, evenals de waardering van een praktijkvennootschap die afhankelijk is van de arbeidsprestatie van de man.
De man stelde dat de door de rechtbank vastgestelde gebruiksvergoeding van €12.000 per jaar te laag was en eiste een hogere vergoeding. De vrouw betwistte dit en stelde dat zij slechts een lagere vergoeding kon betalen en dat betaling pas opeisbaar moest zijn na het eindvonnis. Het hof oordeelde dat de vrouw uit haar alimentatie een woning kan huren of kopen en dat zij de gebruiksvergoeding van €1.738,74 per maand vanaf 19 oktober 2001 aan de man moet betalen. De vrouw kan zelf aan het gebruik een einde maken door de woning te ontruimen.
Daarnaast oordeelde het hof dat de waardering van de praktijkvennootschap niet op basis van de DCF-methode moet plaatsvinden, maar op basis van de actuele intrinsieke waarde, omdat de winstgevendheid afhankelijk is van de arbeidsprestatie van de man. Ook bepaalde het hof dat de waardestijging van een appartement, dat in verband met huwelijksproblemen was aangekocht, niet in de verrekening betrokken hoeft te worden.
Het hof vernietigde het tussenvonnis voor zover het de gebruiksvergoeding betrof en verwees de zaak terug naar de rechtbank voor verdere afdoening met inachtneming van de arrestmotieven. De proceskosten in hoger beroep werden gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof stelt de gebruiksvergoeding vast op €1.738,74 per maand en bepaalt dat de praktijkvennootschap gewaardeerd wordt op basis van de actuele intrinsieke waarde.