ECLI:NL:GHSGR:2005:AU3129
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.H. de Wild
- C.G. Beyer-Lazonder
- L.F.A. Husson
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag op staande voet wegens ernstig verwijtbaar gedrag werknemer
Werknemer was sinds december 2000 in dienst bij Meeùs Assurantiën en werd in mei 2002 op staande voet ontslagen wegens meerdere dringende redenen. Deze betroffen het opmaken en verzenden van verzekeringspolissen zonder voorafgaande fiattering, het afgeven van een artikel 34 WAM Pro-verklaring voor de auto van zijn broer die maandenlang onverzekerd rondreed, en het in voorlopige dekking nemen van een auto van een cliënt in strijd met interne voorschriften. Daarnaast speelde zijn laakbare gedrag tegenover collega's, waaronder het aanspreken van vrouwelijke collega's op hun kleding, een rol.
Werknemer betwistte de dringende redenen en stelde onder meer dat hij toestemming had voor bepaalde handelingen en dat het fiatteringsbeleid hem niet bekend was. Het hof oordeelde dat het fiatteringsbeleid wel degelijk bestond en dat werknemer zich hier niet aan had gehouden na 1 mei 2002. Ook concludeerde het hof dat werknemer onvoldoende alert was geweest omtrent de verzekering van de auto van zijn broer, wat de verdenking van bevoordeling rechtvaardigde. Het gedrag van werknemer tegenover collega's werd als onvoldoende betwist beoordeeld en als ernstig aangemerkt.
Het hof achtte de drie hoofdzakelijke redenen gezamenlijk voldoende voor ontslag op staande voet. De eerdere vonnissen van de rechtbank werden bekrachtigd, en werknemer werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet van werknemer wordt bevestigd en het hoger beroep wordt afgewezen.