ECLI:NL:GHSGR:2005:AU7351
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- H.D.W. Klein Breteler
- A.L.J. van Strien
- L.A.J.M. van Dijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep poging moord ex-vrouw en verwerping beroep vrijwillige terugtred
De verdachte heeft zijn ex-vrouw met een ijzeren staaf meerdere malen geslagen, eerst op haar knieën en benen en daarna ongeveer tien keer op haar hoofd, wat leidde tot ernstig letsel waaronder een open schedelfractuur. Hij werd in eerste aanleg veroordeeld tot 6 jaar gevangenisstraf voor poging moord, waarna hij in hoger beroep ging.
In hoger beroep heeft de raadsman van de verdachte betoogd dat sprake was van vrijwillige terugtred omdat de verdachte op eigen initiatief stopte met slaan en de dood niet intreedt. Het hof verwierp dit verweer omdat het slachtoffer al potentieel levensbedreigend letsel had opgelopen voordat de verdachte stopte en de verdachte geen verdere handelingen verrichtte om het intreden van de dood te voorkomen.
Het hof achtte het bewezen dat de verdachte met excessief geweld heeft gepoogd zijn ex-vrouw te doden, waarbij het slechts toeval was dat zij niet overleed. De fysieke en psychische gevolgen voor het slachtoffer en haar kinderen zijn ernstig en blijvend. Gezien de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, waaronder eerdere geweldsdelicten, legde het hof een gevangenisstraf van 7 jaar op.
Daarnaast werd de verdachte veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €20.792,18 aan het slachtoffer, deels voor materiële en deels voor immateriële schade. Het hof wees een deel van de immateriële schadevergoeding af wegens de complexiteit van de vordering in het strafproces, en verwees dit naar de civiele rechter.
Het arrest werd uitgesproken op 29 november 2005 door het Gerechtshof 's-Gravenhage, waarbij het vonnis van de rechtbank werd vernietigd en de straf verhoogd.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 7 jaar gevangenisstraf voor poging moord en betaling van schadevergoeding aan slachtoffer.