ECLI:NL:GHSGR:2005:AU8390
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.Y. Bonneur
- M. Hooykaas
- L.M. Croes
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek om gegevensverstrekking op grond van Wet bescherming persoonsgegevens
In deze civiele zaak heeft geïntimeerde bij de rechtbank verzocht om Dexia te bevelen een schriftelijk overzicht te verstrekken van haar persoonsgegevens op grond van artikel 35, tweede lid, van de Wet bescherming persoonsgegevens. De rechtbank heeft dit verzoek toegewezen en Dexia bevolen binnen vier weken het overzicht te verstrekken.
Dexia is hiertegen in hoger beroep gegaan. Tijdens de behandeling van het hoger beroep heeft geïntimeerde verklaard geen belang meer te hebben bij het verzoek, omdat zij zich heeft aangemeld voor de Duisenberg-regeling en de gegevens oorspronkelijk wilde gebruiken ter ondersteuning van een procedure tegen Dexia die niet meer wordt voortgezet.
Het hof heeft geoordeeld dat het ontbreken van belang betekent dat geïntimeerde niet-ontvankelijk is in haar verzoek. Daarom vernietigt het hof de beschikking van de rechtbank en verklaart geïntimeerde niet-ontvankelijk. Tevens compenseert het hof de proceskosten tussen partijen, waarbij ieder zijn eigen kosten draagt.
Uitkomst: Geïntimeerde wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek om gegevensverstrekking wegens gebrek aan belang.