ECLI:NL:GHSGR:2005:AU9653
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.H. de Wild
- A.A. Schuering
- M.H. van Coeverden
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen kennelijk onredelijk ontslag van agrarisch medewerker na 22 jaar dienst
Werknemer was sinds 1982 in dienst bij de maatschap als agrarisch medewerker. De maatschap besloot eind 2003 het bedrijf om bedrijfseconomische redenen te staken en vroeg toestemming voor ontslag, die werd verleend. De arbeidsovereenkomst werd per 1 februari 2004 opgezegd, waarna werknemer vrijgesteld werd van werk met behoud van salaris.
Werknemer stelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was vanwege de ernstige gevolgen voor hem, mede gezien zijn leeftijd en lange dienstverband, en vorderde een schadevergoeding. De rechtbank wees dit af, maar het hof oordeelde anders. Het hof nam de bedrijfseconomische redenen aan, maar vond dat de gevolgen van het ontslag voor werknemer te ernstig waren in verhouding tot het belang van de maatschap.
Het hof wees op de beperkte kansen van werknemer op passend werk in de tuinbouwsector gezien zijn leeftijd en de dalende werkgelegenheid. Ook was onvoldoende gebleken dat werknemer geen initiatieven had ontplooid om ander werk te vinden. De maatschap had geen voorzieningen getroffen. Gezien deze omstandigheden achtte het hof het ontslag kennelijk onredelijk en kende een billijke vergoeding van €7.500 toe. De proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof verklaart het ontslag kennelijk onredelijk en kent een billijke vergoeding van €7.500 toe.