ECLI:NL:GHSGR:2005:AU9686
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Nievelt
- Gerretsen-Visser
- Fockema Andreae-Hartsuiker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing omgangsregeling wegens gebrek aan draagkracht moeder en belang kind
In deze zaak staat de omgang tussen de vader en zijn minderjarige zoon centraal. De moeder verzocht om vervangende toestemming voor het verkrijgen van een paspoort voor het kind, terwijl de vader een omgangsregeling wilde vaststellen. Het hof oordeelde dat er voldoende verband bestaat tussen deze verzoeken omdat beide betrekking hebben op het kind.
De vader stelde dat de omstandigheden sinds de eerdere beschikking waren gewijzigd en dat het kind inmiddels oud genoeg is om omgang met de vader te hebben. De moeder betoogde dat het kind kwetsbaar is, niet naar de vader wil en dat een omgangsregeling zijn positieve ontwikkeling zou schaden. De raad voor de kinderbescherming bevestigde dat contact met beide ouders in het belang van het kind is, maar dat steun noodzakelijk blijft.
Het hof constateerde dat er geen contra-indicaties zijn tegen omgang, maar dat de moeder nog steeds niet in staat is om het kind de ruimte te geven voor contact met de vader. Het opleggen van een omgangsregeling zou spanningen veroorzaken die het belang van het kind schaden. Daarom werd het verzoek van de vader afgewezen en de bestreden beschikking bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot het vaststellen van een omgangsregeling af wegens gebrek aan draagkracht bij de moeder en het belang van het kind.