ECLI:NL:GHSGR:2006:AV4508
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.E. Mos-Verstraten
- A.J.M. Kaptein
- N.C. van Bellen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs mishandeling en in hulpeloze toestand brengen kind
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf wegens het in een hulpeloze toestand brengen van haar kind, wat het kind aan gevaren zou blootstellen. In hoger beroep heeft het hof het vonnis vernietigd en de verdachte vrijgesproken.
Het hof oordeelde dat er onvoldoende bewijs was dat de verdachte vanaf 24 november 2003 wist dat haar dochter mishandeld werd door haar vader, ondanks aanwijzingen en wisselende verklaringen. De mishandelingen vonden plaats tijdens afwezigheid van de moeder, die zich liet wijsmaken dat het letsel het gevolg was van onschuldige oorzaken.
Ten aanzien van de andere kinderen ontbraken eveneens voldoende bewijsmiddelen. Na toelating van hulpinstanties en uithuisplaatsing van de kinderen heeft de verdachte contact met de vader verbroken. Gezien de korte tijdspanne tussen het moment van bewustwording en uithuisplaatsing kon niet worden vastgesteld dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan. De verdachte is daarom vrijgesproken wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs dat zij haar kind opzettelijk in een hulpeloze toestand heeft gebracht of gelaten.