ECLI:NL:GHSGR:2006:AV6923
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van den Wildenberg
- Dusamos
- Van Leuven
- Rechtspraak.nl
Herstel procedurefouten en vaststelling ingangsdatum wettelijke rente bij vergoedingen tussen echtgenoten
In deze civiele zaak tussen echtgenoten staat centraal de vraag of de vrouw de opbrengst van een registergoed en de afkoopsom van een levensverzekering aan de man heeft doorbetaald, en vanaf welke datum wettelijke rente verschuldigd is.
De rechtbank had de man in eerste aanleg verworpen omdat hij geen tegenbewijs leverde tegen de verklaring van een getuige van de vrouw en afzag van een contra-enquête. In hoger beroep biedt de man aan alsnog tegenbewijs te leveren door zichzelf en andere getuigen onder ede te doen horen. Het hof oordeelt dat dit toelaatbaar is om misslagen in eerste aanleg te herstellen.
Verder is in geschil of de bedragen zijn gebruikt voor de aankoop van een horecazaak op naam van de vrouw, wat zou duiden op verrijking ten koste van de man. Ook dit bewijs mag worden geleverd. Ten slotte wijst het hof op het belang van een sommatie voor het intreden van verzuim en stelt dat de wettelijke rente niet eerder dan 16 september 2002 verschuldigd is.
Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank en bepaalt dat de man in de gelegenheid wordt gesteld aanvullend bewijs te leveren bij een raadsheer-commissaris. De zaak wordt opnieuw opgeroepen voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en stelt de man in de gelegenheid aanvullend bewijs te leveren over doorbetaling en wettelijke rente.