ECLI:NL:GHSGR:2006:AV8605
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van de Vijver
- Tijnagel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verschil waarde in economisch verkeer en agrarische waarde bij verkoop landbouwgrond
Belanghebbende verkocht in 1999 een onroerende zaak bestaande uit een woonboerderij met schuren, tuin en landbouwgrond aan een niet-agrariër. De verkoopprijs werd uitgesplitst in waarden volgens de waarde in het economisch verkeer (WEV) en de waarde in het economisch verkeer met agrarische bestemming (WEVAB). De Inspecteur corrigeerde het belastbaar inkomen door een verschil van ƒ 75.000 tussen WEV en WEVAB bij de landbouwgrond mee te nemen.
Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze correctie en voerde aan dat er geen verschil tussen WEV en WEVAB bestond. Het Hof oordeelde dat de Inspecteur met een taxatierapport van de Belastingdienst voldoende aannemelijk had gemaakt dat het verschil bestond en dat het door belanghebbende overgelegde taxatierapport onvoldoende was om dit tegenbewijs te leveren.
Het Hof verwierp ook argumenten van belanghebbende over de oppervlakteverschillen en de verbouwing van het pand, en stelde dat de waarde van akkerbouwland en weiland gelijkwaardig was. De stelling dat een deel van het perceel nog steeds werd geteeld werd niet aannemelijk geacht.
Daarmee verklaarde het Hof het beroep ongegrond en handhaafde de aanslag met de correctie van de Inspecteur. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag wordt gehandhaafd.