ECLI:NL:GHSGR:2006:AY5712
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van den Wildenberg
- Reinking
- Labohm
- Rechtspraak.nl
Waardering ondernemingsvermogen landbouwbedrijf en meerwaardebeding in echtscheidingsverdeling
In deze zaak staat de waardering van het ondernemingsvermogen van een landbouwbedrijf centraal in het kader van de verdeling van de gemeenschap van goederen na echtscheiding. De vrouw vordert vernietiging van eerdere vonnissen en een herwaardering van het ondernemingsvermogen op basis van economische vrije verkoopwaarde, terwijl de man pleit voor een waardering op basis van going concernwaarde, waarbij een lonende exploitatie mogelijk blijft.
Het hof oordeelt dat de onderneming levensvatbaar is en dat de waardering dient te geschieden op de hoogst mogelijke waarde, tenzij specifieke omstandigheden anders vereisen. Gezien de persoonlijke en algemene belangen, waaronder continuïteit van de onderneming en financiële positie van partijen, wordt de going concernwaarde van €444.000 als uitgangspunt genomen. Het meerwaardebeding wordt bevestigd met een termijn van 15 jaar, waarbij hypothecaire zekerheid niet wordt opgelegd vanwege mogelijke belemmering van de bedrijfsvoering.
Verder vernietigt het hof het vonnis over de kostenveroordeling en corrigeert het bedrag dat de man aan de vrouw wegens overbedeling moet betalen, van €179.511,50 naar €170.847,50. De kosten van het hoger beroep worden gecompenseerd, waarbij partijen ieder hun eigen kosten dragen.
Uitkomst: Het hof stelt de waardering van het ondernemingsvermogen op €444.000, bevestigt het meerwaardebeding voor 15 jaar, corrigeert de overbedelingsvergoeding naar €170.847,50 en vernietigt deels eerdere vonnissen.