ECLI:NL:GHSGR:2006:AY5799
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Leuven
- Dusamos
- Labohm
- Rechtspraak.nl
Bevestiging kinderalimentatie ondanks tijdelijke WAO-uitkering vader
De zaak betreft een hoger beroep van de vader tegen een beschikking van de rechtbank Dordrecht inzake kinderalimentatie voor zijn minderjarige kind.
De vader was sinds juni 2004 gedeeltelijk arbeidsongeschikt en ontving een WAO- en WW-uitkering, maar is vanaf 15 mei 2006 weer aan het werk met een inkomen van circa €1.900 bruto per maand. Hij stelde dat hij geen draagkracht had om alimentatie te betalen en verzocht om vernietiging van de beschikking en vaststelling van de alimentatie op nihil of een lager bedrag.
Het hof stelde vast dat de behoefte van het kind aan alimentatie niet ter discussie stond en dat de vader onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij niet over een verdiencapaciteit beschikt. De rechtbank had terecht rekening gehouden met zijn verdiencapaciteit. Ook werden de woonlasten en andere kosten van de vader als vaststaand aangenomen.
Het hof verwierp het bewijsaanbod van de vader als onvoldoende gespecificeerd en concludeerde dat de vader financieel in staat is om alimentatie te voldoen. De bestreden beschikking werd daarom bekrachtigd en het beroep van de vader afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking en wijst het beroep van de vader af, waardoor de kinderalimentatieplicht blijft bestaan.