ECLI:NL:GHSGR:2006:AY6344
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.M.E. in 't Velt-Meijer
- C.G. Beyer-Lazonder
- M.J. van der Ven
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende zwaarwegende dringende reden voor ontslag op staande voet wegens drankziekte en werkweigering
De zaak betreft het hoger beroep van A.R. Beveiliging B.V. (ARB) tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam waarin het ontslag op staande voet van een werknemer wegens een ziekmelding met de term 'drankziek' en een weigering om in Den Haag te werken, werd vernietigd.
De werknemer had zich ziek gemeld via een SMS-bericht waarin hij aangaf niet in Den Haag te willen werken en zich ziek te melden wegens drankgebruik. ARB stelde dat dit een hardnekkige weigering was en dat het drankgebruik de arbeidsverhouding ernstig had geschaad, waardoor ontslag op staande voet gerechtvaardigd was. De rechtbank oordeelde dat de ziekmelding niet als reguliere ziekte kon worden aangemerkt en dat er geen sprake was van daadwerkelijke werkweigering op de betreffende dag.
Het hof bevestigde dat de ziekmelding niet voldeed aan de strenge eisen voor een dringende reden tot ontslag op staande voet. De enkele weigering om in Den Haag te werken was onvoldoende hardnekkig en het drankgebruik vond plaats buiten werktijd. Bovendien was de werknemer niet gewaarschuwd voor ontslag bij herhaling van dergelijk gedrag. De combinatie van omstandigheden was niet zwaarwegend genoeg om het ontslag te rechtvaardigen.
Daarom werd het vonnis van de rechtbank bekrachtigd en werd ARB veroordeeld in de proceskosten van de werknemer.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is onterecht verklaard en het vonnis van de rechtbank is bekrachtigd.