ECLI:NL:GHSGR:2006:AZ3117
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- van Nievelt
- Dusamos
- Labohm
- Rechtspraak.nl
Vaststelling partner- en kinderalimentatie en indexering bij echtscheiding vóór 1994
In deze zaak staat de vaststelling van partner- en kinderalimentatie centraal, voortvloeiend uit een echtscheiding die vóór 1 juli 1994 is uitgesproken. De vrouw vordert onder meer toekenning van wettelijke indexeringen over de alimentatie en een hogere vaststelling van haar behoefte, terwijl de man incidenteel beroep instelt tegen deze vorderingen en tevens een vordering tot terugbetaling van teveel betaalde alimentatie indient.
Het hof overweegt dat de alimentatieverplichting van de man jegens de vrouw niet van rechtswege is geëindigd door het vermeende samenwonen van de vrouw met een andere man. De overeengekomen alimentatie van €825 per maand wordt geacht te zijn aanvaard door de vrouw, mede gelet op haar gedragingen en correspondentie. De vrouw kan gelet op haar arbeidsongeschiktheid niet worden geacht haar behoefte door arbeid te verminderen.
De wettelijke indexering wordt toegewezen vanaf 1 januari 2002, waarbij het hof oordeelt dat stilzitten niet leidt tot afstand van dit recht, maar dat na 1 januari 2001 geen aanspraak meer bestaat op indexering. De duur van de alimentatie wordt vastgesteld op minimaal 15 jaar, conform het oude recht, omdat de alimentatie vóór 1 juli 1994 is vastgesteld. De kinderalimentatie wordt vastgesteld op €297 per maand, waarbij de jongmeerderjarige geen terugbetalingsplicht heeft voor eventueel teveel betaalde alimentatie.
De procedure betreffende een vordering van de man inzake creditcardgebruik wordt voortgezet volgens de dagvaardingsprocedure. De kosten van het hoger beroep worden ieder door partijen zelf gedragen.
Uitkomst: Het hof stelt partneralimentatie vast op €825 per maand met indexering vanaf 2002 en kinderalimentatie op €297 per maand, met een alimentatieduur van minimaal 15 jaar volgens het oude recht.