ECLI:NL:GHSGR:2006:AZ3544
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Leuven
- Reinking
- Van Montfoort
- Rechtspraak.nl
Vader blijft belanghebbende in hoger beroep over ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing minderjarige kinderen
In deze zaak heeft het gerechtshof 's-Gravenhage op 27 september 2006 geoordeeld over het hoger beroep van een vader tegen een beschikking van de kinderrechter waarin hij niet langer als belanghebbende werd aangemerkt in procedures omtrent de uithuisplaatsing van zijn minderjarige kinderen.
De vader betwistte de stelling van Jeugdzorg dat er sprake zou zijn van huiselijk geweld en dat de veiligheid van de kinderen in gevaar zou zijn als hij als belanghebbende zou worden aangemerkt. De moeder onderschreef het standpunt van de vader en vond het belangrijk dat hij betrokken blijft bij beslissingen over de kinderen.
Het hof stelde vast dat de vader als biologische ouder rechtstreeks belang heeft bij de procedure en dat er geen feiten of omstandigheden waren die rechtvaardigen dat hij niet langer als belanghebbende wordt aangemerkt. De stelling van Jeugdzorg werd onvoldoende onderbouwd en er was geen aanwijzing dat de vader de rechtsgang zou verstoren.
Daarom vernietigde het hof de bestreden beschikking voor zover het de belangenstatus van de vader betrof en bepaalde dat hij als belanghebbende in de procedure blijft aangemerkt.
Uitkomst: De vader wordt opnieuw als belanghebbende aangemerkt in de procedure omtrent de uithuisplaatsing van zijn minderjarige kinderen.