ECLI:NL:GHSGR:2006:AZ4634
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- van Nievelt
- Pannekoek-Dubois
- Kamminga
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake kinderalimentatie en draagkracht vader
In deze zaak is het hoger beroep ingesteld door de vader tegen een beschikking van de rechtbank betreffende kinderalimentatie. De moeder had in eerste aanleg een verhoging van de kinderalimentatie verzocht. De vader verzocht in hoger beroep om de kinderalimentatie op nihil te stellen, een verzoek dat het hof niet ontvankelijk verklaarde omdat dit niet voor het eerst in hoger beroep kan worden ingediend.
Het hof beoordeelde vervolgens uitsluitend het verzoek van de moeder tot verhoging van de alimentatie. De vader stelde dat de moeder haar inkomensvermindering niet aannemelijk had gemaakt en dat deze samenhing met haar zwangerschap en niet met het wegvallen van de omgangsregeling. Het hof oordeelde echter dat het aannemelijk was dat de inkomensachteruitgang van de moeder het gevolg was van het door de vader stopzetten van de omgangsregeling, wat een relevante wijziging van omstandigheden vormde.
Bij de vaststelling van de draagkracht van de vader hield het hof rekening met zijn inkomen, lasten zoals hypotheekrente, aflossingen en premies, en de bijstandsnorm voor een alleenstaande gezien zijn nieuwe huwelijkspartner. Het hof concludeerde dat de vader geen draagkracht heeft voor een hogere kinderalimentatie dan reeds bij beschikking van 15 juli 2002 was vastgesteld. Daarom werd de bestreden beschikking vernietigd en het verzoek van de moeder alsnog afgewezen. Tevens werd bepaald dat de moeder eventueel teveel betaalde alimentatie niet hoeft terug te betalen.
Uitkomst: Vader niet-ontvankelijk in verzoek tot nihilstelling, bestreden beschikking vernietigd en verzoek moeder tot verhoging kinderalimentatie afgewezen.