ECLI:NL:GHSGR:2006:AZ6600
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep kort geding
- A.A. Schuering
- M.J. van der Ven
- J.W. van Rijkom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging concurrentiebeding na niet-verlenging arbeidsovereenkomst
De werknemer had meerdere arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd bij IRIS, waarvan de laatste niet werd verlengd vanwege bedrijfseconomische omstandigheden. IRIS stelde dat het concurrentiebeding rechtsgeldig was en dat de werknemer dit overtrad door bij een concurrent te gaan werken.
Het hof oordeelde dat de investeringen van IRIS in werving, selectie en opleiding geen rol meer konden spelen bij de belangenafweging, omdat IRIS zelf had gekozen de arbeidsovereenkomst niet te verlengen. Daarnaast was onvoldoende onderbouwd dat de werknemer bedrijfsgeheimen had gebruikt of zou gebruiken.
Het belang van IRIS om te voorkomen dat een ervaren werknemer bij een concurrent in dienst trad, woog niet op tegen het grote belang van de werknemer bij het verval van het concurrentiebeding. De werknemer had een aanzienlijke positieverbetering en het concurrentiebeding zou zijn certificaten en diploma’s in gevaar brengen.
Het hof bevestigde daarom het vonnis van de kantonrechter en wees de vordering van IRIS af, inclusief de gevorderde schadevergoeding. IRIS werd veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bevestigt het vonnis dat het concurrentiebeding niet wordt gehandhaafd en wijst de vordering van IRIS af.