ECLI:NL:GHSGR:2007:AZ8758
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Tanja van den Broek
- van Nievelt
- Kamminga
- Rechtspraak.nl
Partneralimentatie niet uitgesloten door ongegronde beschuldiging seksueel misbruik
In deze zaak stond de vraag centraal of de man, die door de vrouw was beschuldigd van seksueel misbruik van haar minderjarige dochter en daarop 189 dagen in voorlopige hechtenis zat maar uiteindelijk werd vrijgesproken, gehouden was partneralimentatie te betalen.
De man beriep zich op artikel 1:399 BW Pro, stellende dat de vrouw door haar beschuldiging haar recht op alimentatie had verspeeld. Het hof oordeelde echter dat deze bepaling niet van toepassing is op de onderhoudsplicht tussen (ex-)echtgenoten. Wel kunnen gedragingen van de onderhoudsgerechtigde een rol spelen bij de alimentatievaststelling, maar alleen indien redelijkerwijs niet van de onderhoudsplichtige kan worden verlangd bij te dragen.
Het hof concludeerde dat de vrouw gegronde redenen had om aangifte te doen, gezien verklaringen van de minderjarige. De vrijspraak van de man betekent niet dat de vrouw haar recht op alimentatie verliest. De man trok zijn draagkrachtverweer in en het hof bekrachtigde de eerdere beschikking waarin partneralimentatie was vastgesteld. Tevens wees het hof het verzoek van de vrouw om proceskosten toe te wijzen af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de partneralimentatieplicht van de man ondanks de vrijspraak van de beschuldiging van seksueel misbruik.