ECLI:NL:GHSGR:2007:AZ9285
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Postema
- Savelbergh
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over herziening vaststelling verlies en aftrekbaarheid onderhoudskosten
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de beschikking herziening vaststelling verlies over het jaar 1999, waarbij de Inspecteur het verlies heeft herzien van ƒ 479.082 naar ƒ 101.476. Kern van het geschil is of de door belanghebbende gedane betalingen kunnen worden aangemerkt als vooruitbetaalde onderhoudskosten die aftrekbaar zijn volgens artikel 35, lid 1, Wet IB 1964.
Belanghebbende sloot een overeenkomst waarbij onderhoudsverplichtingen voor een pand voor vijftien jaar werden overgedragen aan een besloten vennootschap (A BV) tegen een vooraf overeengekomen bedrag. De Inspecteur stelde dat deze betaling geen aftrekbare onderhoudskosten betrof, maar een depotstorting. Het hof oordeelde dat geen sprake is van een depot of koopsom voor periodieke verstrekking, maar van een overdracht van onderhoudsverplichtingen.
Het hof concludeerde dat de omvang en het tijdstip van de onderhoudskosten onzeker zijn, waardoor de betaling niet als aftrekbare kosten kan worden aangemerkt. Ook werd geoordeeld dat de Inspecteur geen ambtelijk verzuim heeft begaan en dat belanghebbende niet te kwader trouw was. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de beschikking herziening vaststelling verlies blijft in stand.