ECLI:NL:GHSGR:2007:BA2420
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- S.C.H. Koning
- C.G.M. van Rijnberk
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak van medeplichtigheid aan overtreden loonbelastingwetgeving wegens onvoldoende bewijs en onredelijke eisen aan verdachte
In hoger beroep heeft het Gerechtshof 's-Gravenhage het vonnis van de rechtbank Rotterdam vernietigd en de verdachte vrijgesproken van medeplichtigheid aan overtreden loonbelastingwetgeving.
De verdachte was in eerste aanleg veroordeeld tot een werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf. Het hof oordeelde dat niet wettig en overtuigend was bewezen dat zij schuld had aan het tenlastegelegde. De verdachte had geen bemoeienis met de bellers die klanten in de Verenigde Staten benaderden en had nauwelijks kennis van de loonadministratie.
Zij had navraag gedaan over de loonbelastinggevolgen van bonussen aan de bellers en een geruststellend antwoord gekregen. Haar inzicht in de arbeidsovereenkomsten en geldstromen was beperkt, waardoor het hof vond dat haar geen verwijt kon worden gemaakt.
Het hof stelde dat de officier van justitie en rechtbank overspannen eisen hadden gesteld aan de verdachte, wat het rechtsgevoel ernstig schokte. Daarom werd het vonnis vernietigd en de verdachte vrijgesproken.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van medeplichtigheid aan overtreden loonbelastingwetgeving wegens onvoldoende bewijs.