ECLI:NL:GHSGR:2007:BA3565
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.H. van Coeverden
- T.L. Tan
- J.W. van Rijkom
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens overschrijding appeltermijn bij deelvonnis loondoorbetaling
De zaak betreft een arbeidsrechtelijk geschil tussen een werkgever en werknemer over loondoorbetaling en ontslag op staande voet. De werknemer was op vakantie gegaan met toestemming, maar verscheen niet op het werk na de afgesproken datum. De werkgever sprak een ontslag op staande voet uit nadat de werknemer niet was verschenen en niet reageerde op oproepen.
De rechtbank veroordeelde de werkgever tot loondoorbetaling over een bepaalde periode en gaf de werknemer de mogelijkheid te bewijzen dat hij zich ziek had gemeld. De werkgever zag af van dit bewijs en het meer of anders gevorderde werd afgewezen. De werkgever stelde hoger beroep in tegen het vonnis van 30 november 2004 en het vonnis van 22 maart 2005.
Het hof oordeelde dat het vonnis van 30 november 2004 een deelvonnis bevatte, waartegen binnen drie maanden hoger beroep had moeten worden ingesteld. De werkgever deed dit te laat en werd daarom niet-ontvankelijk verklaard in dat hoger beroep. Het hoger beroep tegen het vonnis van 22 maart 2005 was wel tijdig, maar de grief faalde. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde de werkgever in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: De werkgever is niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep tegen het deelvonnis en het vonnis van de rechtbank is bekrachtigd.