ECLI:NL:GHSGR:2007:BA4872
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Postema
- Savelbergh
- Van Walderveen
- Verhagen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep belastingaftrek meewerkende echtgenote predikant
Belanghebbende, een predikant, bracht in zijn aangifte inkomstenbelasting een arbeidsbeloning voor zijn echtgenote in aftrek, die werkzaamheden voor hem verrichtte. De Inspecteur corrigeerde deze aftrekpost, waarna belanghebbende bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en verminderde de aanslag.
De Inspecteur ging in hoger beroep bij het hof, terwijl belanghebbende tevens incidenteel hoger beroep instelde. Het hof oordeelde dat het door belanghebbende overgelegde overzicht van de werkzaamheden en de geschatte uren onvoldoende was om het zakelijk bepaalde aantal van 1.025 uren aan te nemen. Wel achtte het hof 600 uren aannemelijk, waarvan 175 uren voor administratie en chaufferen en 425 uren voor overige werkzaamheden.
Het hof volgde de Inspecteur in de beoordeling dat administratie en chaufferen de gebruikelijke hulp tussen echtgenoten te boven gaan, maar vond dat voor de overige werkzaamheden een minder strikt criterium moest gelden, mede gelet op de aard van het beroep van belanghebbende. Het hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank, vernietigde de uitspraak op bezwaar en stelde de aanslag vast op een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 75.400. Het incidenteel hoger beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard.
Het hof wees erop dat belanghebbende ter zitting de gelegenheid had om zijn betoog mondeling toe te lichten, maar hiervan geen gebruik maakte. Tevens werd opgemerkt dat in belastingprocedures partijen niet als getuige kunnen optreden. Er werden geen proceskosten aan partijen opgelegd.
Uitkomst: Het hof vermindert de aanslag en kent aftrek toe voor 600 uren arbeidsbeloning aan de echtgenote, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het incidenteel hoger beroep ongegrond.