ECLI:NL:GHSGR:2007:BA6656
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Tanja van den Broek
- Van Leuven
- Van Montfoort
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot vervangende toestemming erkenning minderjarige afgewezen wegens risico op verstoring en belemmering ontwikkeling
In deze zaak heeft het Gerechtshof 's-Gravenhage op 9 mei 2007 uitspraak gedaan over een verzoek tot vervangende toestemming tot erkenning van een minderjarige door de man, waarbij de moeder bezwaar maakte.
Het hof heeft het advies van de raad voor de kinderbescherming ingewonnen, die ondanks het ontbreken van aanvullend onderzoek adviseerde het verzoek toe te wijzen. De moeder stelde dat erkenning de gespannen verhouding tussen haar en de man zou verergeren en dat de erkenning de emotionele en psychosomatische situatie van de minderjarige negatief zou beïnvloeden.
De man erkende ter zitting dat hij na erkenning het gezag wilde aanvragen, hetgeen het hof overtuigde dat erkenning het risico met zich meebrengt dat de verhouding tussen moeder en kind verder onder druk komt te staan en de ontwikkeling van de minderjarige wordt belemmerd.
De bijzondere curator uitte zorgen over de negatieve gevolgen van de strijd tussen ouders voor het kind en twijfelde aan het belang van erkenning zonder garanties dat het gezag niet zal worden aangevraagd.
Gelet op deze omstandigheden vernietigde het hof de bestreden beschikking en wees het verzoek van de man af, omdat de belangen van de minderjarige en de moeder zwaarder wegen dan het belang van de man bij erkenning.
Uitkomst: Het verzoek tot vervangende toestemming tot erkenning van de minderjarige wordt afgewezen vanwege risico's voor de ontwikkeling van het kind en de verstoorde ouderrelatie.