ECLI:NL:GHSGR:2007:BA9036
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Leuven
- Tanja-van den Broek
- Fockema Andreae-Hartsuiker
- Rechtspraak.nl
Einde aan strijd ouders over gezag en omgang in belang van kinderen
Partijen zijn sinds september 2004 verwikkeld in een conflict over de gevolgen van hun echtscheiding, met name over het gezag, de verblijfplaats en omgang met hun drie minderjarige kinderen geboren in 1994, 1997 en 2003. Ondanks intensieve begeleiding en adviezen van deskundigen en de raad voor de kinderbescherming, slaagden zij er niet in hun conflict te beëindigen of de kinderen buiten hun strijd te houden.
De deskundige stelde voor het jongste kind aan de moeder toe te vertrouwen en de twee oudste aan de vader, maar het hof acht het primair van belang dat de kinderen bij elkaar blijven en op één adres opgroeien. De kinderen wonen al geruime tijd bij de vader, die het gezag krijgt toegewezen. De door de moeder gestelde seksuele misbruikclaim is niet onderbouwd met objectieve aanwijzingen en wordt niet gevolgd.
De omgang tussen moeder en kinderen wordt als wenselijk gezien, zonder ontzeggingsgrond. De omgangsregeling bepaalt dat de moeder alle kinderen gezamenlijk eenmaal per vier weken op zondagmiddag mag ontvangen, met verantwoordelijkheden voor brengen en halen verdeeld tussen ouders. De kosten van de procedure worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Het hof vernietigt het eerdere besluit voor zover het gezag en de omgang betreft en stelt het gezag exclusief aan de vader toe. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het overige van het eerdere besluit wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het gezag over de minderjarige kinderen wordt exclusief aan de vader toegekend met een omgangsregeling voor de moeder.