ECLI:NL:GHSGR:2007:BB0495
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.H. van Coeverden
- M.J. van der Ven
- T.L. Tan
- Rechtspraak.nl
Toepassing Engels recht op arbeidsovereenkomst en afwijzing Nederlandse schadevergoeding
Appellant was sinds december 2001 in dienst bij Minorplanet Ltd. in het Verenigd Koninkrijk en werd vanaf september 2002 gedetacheerd als directeur bij een Nederlandse dochteronderneming. Zijn arbeidsovereenkomst en salaris werden beheerst door het Engelse recht, zonder rechtskeuze voor Nederlands recht. Na beëindiging van zijn dienstverband ontving appellant de ontslagvergoeding conform Engels recht.
Appellant vorderde in eerste aanleg schadevergoeding wegens niet-naleving van de Nederlandse opzegtermijn en kennelijk onredelijk ontslag, gebaseerd op Nederlands recht. De rechtbank wees deze vorderingen af omdat het Engelse recht van toepassing was. In hoger beroep bevestigde het hof deze conclusie na een zorgvuldige toetsing van de feiten en omstandigheden, waaronder de plaats van arbeid, woonplaats, salarisbetaling en detachering.
Het hof oordeelde dat de arbeidsovereenkomst nauwer verbonden was met Engeland dan met Nederland, zodat de dwingende Nederlandse bepalingen niet van toepassing waren. De grieven van appellant faalden en het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank. Appellant werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bevestigt de toepasselijkheid van het Engelse recht en wijst de vorderingen van appellant af.