ECLI:NL:GHSGR:2007:BB0866
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- C.G. Beyer-Lazonder
- A.H. de Wild
- T.L. Tan
- Rechtspraak.nl
Betalingsverplichting VvE-bijdragen na levering appartement en toepasselijkheid modelreglement
In deze zaak staat centraal of appellanten vanaf de feitelijke oplevering van het appartement op 9 oktober 2002 of vanaf de datum van het notarieel transport op 22 mei 2003 gehouden zijn tot betaling van VvE-bijdragen. De rechtbank had de vordering van de VvE toegewezen, waarbij zij uitging van de opleveringsdatum.
Het hof stelt dat de relatie tussen de VvE en appellanten pas ontstaat bij het notarieel transport, waarna zij van rechtswege lid worden van de VvE met bijbehorende rechten en plichten. Besluiten van de VvE-vergadering van september 2002 en bepalingen in de koopovereenkomst zijn niet relevant voor de verhouding tussen de VvE en appellanten.
De VvE beroept zich op artikel 28 van Pro het modelreglement, dat zowel de verkrijger als de vervreemder aansprakelijk stelt voor bijdragen, maar het hof constateert dat deze grondslag niet is aangevoerd in eerste aanleg en dat de VvE onvoldoende heeft gespecificeerd welke bijdragen voor welke periode worden gevorderd.
Het hof gelast een comparitie om nadere inlichtingen te verkrijgen en een minnelijke regeling te beproeven. Partijen worden verzocht stukken en standpunten tijdig aan te leveren. De beslissing wordt aangehouden totdat deze informatie is verkregen.
Deze uitspraak benadrukt het belang van de exacte datum van eigendomsoverdracht voor de betalingsverplichting jegens de VvE en de noodzaak van duidelijke specificatie van vorderingen.
Uitkomst: Appellanten zijn pas vanaf het notarieel transport lid van de VvE en bijdragen verschuldigd; nadere specificatie van de vordering wordt verlangd.