ECLI:NL:GHSGR:2007:BB3955
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.H. de Wild
- M.H. van Coeverden
- M.J. van der Ven
- Rechtspraak.nl
Uitleg van CAO-bepaling over verrekening vakantiedagen bij overcompleetverklaring
De zaak betreft een geschil tussen ECT DELTA TERMINAL B.V. en een werknemer over de uitleg van een CAO-bepaling in het Sociaal Plan die betrekking heeft op de verrekening van vakantie- en ADV-dagen bij overcompleetverklaring.
ECT had de werknemer per 4 november 2002 overcompleet verklaard en overgeplaatst naar Centrum Nieuw Werk (CNW), waarbij aangepaste arbeidsvoorwaarden golden. De werknemer had op dat moment een negatief vakantietegoed van 7,8 dagen, terwijl hij tijdens het CNW-traject vakantiedagen opbouwde en opnam. Bij beëindiging van het dienstverband per 1 oktober 2003 werd een eindafrekening gemaakt waarin ECT het negatieve tegoed verrekende.
De werknemer vorderde betaling van het bedrag dat ECT had ingehouden wegens het negatieve vakantietegoed, vermeerderd met wettelijke rente en kosten. De rechtbank oordeelde dat het negatieve tegoed verrekend mocht worden met later opgebouwde dagen en kende een wettelijke verhoging toe.
Het hof bevestigde deze uitleg en overwoog dat de bepalingen van het Sociaal Plan objectief moeten worden uitgelegd, waarbij een negatieve balans gecompenseerd kan worden met later opgebouwde vakantiedagen. Het hof bekrachtigde het vonnis en veroordeelde ECT in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat het negatieve vakantietegoed bij overcompleetverklaring mag worden verrekend met later opgebouwde vakantiedagen.