ECLI:NL:GHSGR:2007:BB4763
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.M. van der Klooster
- M.Y. Bonneur
- J.E.A.A. ten Berg-Koolen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bindend advies wegens schending hoor en wederhoor bij aandelenwaardering
In deze civiele zaak staat de waardering van aandelen centraal, waarbij een bindend advies van deskundigen is aangevochten wegens schending van het beginsel van hoor en wederhoor. De deskundigen baseerden hun worst case-scenario op gegevens waarvan appellante niet op de hoogte was gesteld en waarop zij niet kon reageren.
Getuigenverklaringen en stukken tonen aan dat de deskundigen op 24 oktober en 5 november 2001 gesprekken hebben gevoerd met de directie zonder aanwezigheid van appellante, en dat belangrijke informatie, waaronder een brief van de directeur, niet met appellante is gedeeld. Hierdoor is appellante niet in staat gesteld haar standpunt te geven over de scenario’s die de waardering bepaalden.
Het hof oordeelt dat deze schending van hoor en wederhoor een ernstig nadeel voor appellante heeft veroorzaakt, waardoor het bindend advies naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Het bindend advies wordt vernietigd en het hof bepaalt dat de Ondernemingskamer opnieuw deskundigen moet benoemen om een nieuw bindend advies uit te brengen. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Het bindend advies wordt vernietigd en de Ondernemingskamer wordt verzocht nieuwe deskundigen te benoemen voor een nieuw bindend advies.