ECLI:NL:GHSGR:2007:BB5894
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.H. van Coeverden
- J.W. van Rijkom
- R.S. van Coeverden
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering premies bedrijfstakregeling bovenwettelijke ziekte-uitkering
In deze zaak vorderde SGG/Relan betaling van premies voor bedrijfstakregelingen met betrekking tot bovenwettelijke ziekte-uitkeringen over de jaren 1999 en 2000 van [v.o.f] cs. De vordering was gebaseerd op zeven facturen die niet waren voldaan. [v.o.f] cs betwistte de toepasselijkheid van de CAO Sazas en de grondslag van de vordering.
Het hof overwoog dat de indeling van [v.o.f] cs bij een uitvoeringsinstelling voor wettelijke werknemersverzekeringen geen basis is voor de toepasselijkheid van de bedrijfstakregelingen. De CAO Sazas was in de relevante jaren niet algemeen verbindend verklaard en ook de verwijzing in de CAO LEO was onvoldoende om de toepasselijkheid ervan vast te stellen. Daarnaast was [v.o.f] cs een uitzendbureau en viel zij niet onder de reikwijdte van de CAO LEO.
Verder oordeelde het hof dat het enkele feit dat [v.o.f] cs ziekmeldingen heeft gedaan en uitkeringen heeft ontvangen onvoldoende is om een verzekeringsovereenkomst aan te nemen. De vordering was daardoor onvoldoende onderbouwd en kon niet worden toegewezen. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en wees de vordering af, waarbij SGG/Relan werd veroordeeld in de kosten van het geding.
Uitkomst: De vordering tot betaling van premies voor bedrijfstakregelingen wordt afgewezen wegens gebrek aan toepasselijkheid en onvoldoende grondslag.