ECLI:NL:GHSGR:2007:BC0736
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Leuven
- Bouritius
- Fockema Andreae-Hartsuiker
- Rechtspraak.nl
Geen omgangsregeling met vader wegens bezwaren en wensen van kinderen
In deze zaak staat de omgang tussen de vader en zijn twee minderjarige kinderen centraal. De rechtbank had reeds het omgangsrecht voor twee jaar ontzegd vanwege een ernstige vertrouwensbreuk en bezwaren omtrent de omgang. De vader ging hiertegen in hoger beroep en verzocht om een omgangsregeling, onder meer in zijn woning in Woerden.
De kinderen, inmiddels 15 en 13 jaar oud, hebben tijdens een kinderverhoor eenduidig verklaard geen contact met de vader te willen, hoewel zij een herstel van contact op lange termijn niet uitsluiten. Het hof concludeert dat ondanks tien jaar omgang er geen goed ontwikkeld vaderbeeld bij de kinderen bestaat. De bezwaren van de kinderen en hun leeftijd maken het niet mogelijk om een omgangsregeling vast te stellen zonder hen onevenredig te belasten.
De moeder betoogde dat er een ernstige vertrouwenscrisis bestaat en dat de kinderen zich positief hebben ontwikkeld sinds het contact met de vader is gestopt. Ook is er vrees voor ontvoering naar Marokko. De vader weersprak deze punten, maar het hof acht de verklaringen van de kinderen en de belangen van hen doorslaggevend.
Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en wijst het hoger beroep van de vader af. De moeder wordt niet in de kosten van het hoger beroep veroordeeld.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ontzegging van het omgangsrecht omdat de kinderen geen contact met de vader wensen.