ECLI:NL:GHSGR:2007:BC1200
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- S.C.H. Koning
- M.J. van der Ven
- J.W. van Rijkom
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kennelijk onredelijk ontslag wegens arbeidsongeschiktheid afgewezen
Werknemer was sinds 1990 in dienst bij Jacobs en werd in mei 2002 ziek gemeld met psychische klachten. Na medische beoordelingen en een arbeidsconflict startte een mediationprocedure. Jacobs bood passend werk aan, dat werknemer weigerde. UWV stelde een loonsanctie op Jacobs wegens onvoldoende re-integratie in, maar werknemer ontving deels WAO en WW-uitkering.
Werknemer vorderde in eerste aanleg een schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag, stellende dat zijn ziekte verband hield met werkdruk en communicatieproblemen. De rechtbank wees de vorderingen af wegens onvoldoende bewijs van oorzakelijk verband en mede door eigen schuld van werknemer.
In hoger beroep voerde werknemer aan dat het ontslag kennelijk onredelijk was vanwege onvoldoende onderbouwing van de medische situatie en het arbeidsconflict. Het hof oordeelde dat werknemer onvoldoende medische gegevens overlegde en dat het verband tussen klachten en werk niet aannemelijk was. De gebrekkige re-integratie-inspanningen van Jacobs waren niet zwaarwegend genoeg om het ontslag kennelijk onredelijk te maken.
Ook speelde mee dat werknemer al bijna drie jaar arbeidsongeschikt was en dat persoonlijke omstandigheden die na het ontslag ontstonden, niet meewegen. Het hof wees de grieven af en veroordeelde werknemer in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van werknemer af wegens onvoldoende bewijs van kennelijk onredelijk ontslag.