ECLI:NL:GHSGR:2008:BC4367
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Dusamos
- Labohm
- Bouritius
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep verblijfplaats minderjarige en alimentatie na echtscheiding
In deze zaak stond de verblijfplaats van de minderjarige dochter en de alimentatieverplichtingen na echtscheiding centraal. De vrouw stelde dat de verblijfplaats van de dochter sinds juli 2006 bij haar was en verzocht om kinderalimentatie over die periode en partneralimentatie van €800 per maand. De man betwistte dit en stelde dat de verblijfplaats bij hem bleef en dat hij voldoende kosten had voldaan.
Het hof oordeelde dat de verblijfplaats van de dochter van 1 juni 2006 tot 1 januari 2007 bij de vrouw lag, omdat de dochter daar feitelijk verbleef. Over de alimentatie voor de dochter in die periode stelde het hof vast dat de man reeds voldoende had bijgedragen, waardoor een aanvullende kinderalimentatie werd afgewezen. Voor de periode na meerderjarigheid werd geen alimentatie toegekend vanwege de Wajong-uitkering en opname van de dochter.
Met betrekking tot de partneralimentatie stelde het hof vast dat de vrouw behoeftig is en dat de man voldoende draagkracht heeft voor een alimentatie van €535 per maand tot 1 september 2007 en €590 per maand daarna. Het verzoek van de vrouw tot een hoger bedrag werd afgewezen, evenals het verzoek van de man om een afbouwregeling binnen vier jaar. De beschikking werd deels vernietigd en deels bekrachtigd.
Uitkomst: De verblijfplaats van de minderjarige dochter wordt bij de moeder vastgesteld en de partneralimentatie wordt verhoogd naar €535 tot september 2007 en €590 daarna.